Freerunning

Waar komt freerunning vandaan?

Parkour, in zijn eerste vorm, werd benut als ontsnappingstechniek in de Vietnamoorlog. Het was de Franse marineofficier George Herbert (Herbertisme) die zijn rekruten deze technieken bijbracht zodat ze op elke situatie voorbereid waren. Raymond Belle, één van Herberts rekruten, was als turner en brandweerman erg geïnspireerd door deze nieuwe manier van voortbewegen en gaf deze interesse door op zijn zoon David Belle.

Eind jaren ‘80 begonnen David en zijn vrienden, te Lisses, één van de achterwijken van Parijs, deze technieken als sportdiscipline te beoefenen. Op een speelse manier zochten ze naar nieuwe technieken om zich op een snelle, vloeiende en efficiënte manier voort te bewegen doorheen de stad. Er was in deze buurten zeer weinig te doen voor jongeren en zo hadden deze vrienden alle tijd om hun nieuwe discipline te beoefenen. De groep kreeg de naam ‘les traceurs’.
Het begrip traceur kwam oorspronkelijk van het Franse woord ‘tracer’ of ‘trace’. Men gebruikte dit woord om snelheid en efficiëntie te benadrukken. Een traceur verplaatste zich geruisloos, zonder enig spoor achter te laten.

Een tijd later begonnen ‘les traceurs’ ook andere nieuwe technieken toe te passen. Deze technieken draaiden niet meer om de basiselementen snelheid en efficiëntie, maar benadrukten een spectaculairder aspect.
Zo werden salto’s en andere ‘tricks’ een belangrijk onderdeel van de trainingen en hiermee kwam er ook meteen een opsplitsing en onderscheid in de benaming van de discipline.

Bij parkour draait de essentie om zich snel en vlot in een omgeving voort te bewegen. De traceur beweegt zich zo snel mogelijk voort tussen twee punten door op een efficiënte manier de obstakels op zijn weg te gebruiken. Hij gebruikt hiervoor enkel de bewegingen die efficiënt zijn om snel te bewegen en zijn parkour (parcours) af te leggen.

Freerunning draait niet enkel om de snelheid en efficiëntie, maar ook om de salto’s en andere tricks.